Tip 19: mijn drie beste fotografie-aankopen

Eigenlijk schrijf ik nooit over camera’s en toebehoren want dat doet iedereen al. Bovendien interesseer ik me niet voor apparatuur. Het gaat mij om de kunst van het kijken. Maarja, zonder enige apparatuur kun je natuurlijk niet fotograferen. Daarom hier een lijstje met mijn 3 beste aankopen. Dingen waar ik écht niet zonder kan, omdat ze mij helpen kijken.

 
Je hebt fotografen wiens doel het is om te fotograferen en je hebt fotografen die hun camera als middel gebruiken om hun kijk op de wereld vast te leggen. Voor die laatste groep doet de camera er eigenljik niet zoveel toe. Want de béste camera is gewoon de camera die je bij je hebt. Inmiddels val ik in de laatste groep, maar ooit begon ik – onwetend – in de eerste groep. Ik richtte me op de camera en niet op mijn blik.
 

De schuld geven aan je camera

Medio 2006 kocht ik mijn eerste spiegelreflexcamera. Een Canon 400d met kitlens. Ik maakte er een hoop prutsfoto’s mee. De schuld daarvan legde ik natuurlijk graag bij mijn middelmatige camera. Het had niet veel gescheeld of ik was een slachtoffer geworden een syndroom:

Het Gear Acquisition Syndrome (GAS)

Dat is een heus syndroom ja. Voor mensen die nooit leren kijken, en dat volledig wijten aan dat ze de verkeerde camera hebben. Ze zijn derhalve wel heel goed in kopen. Gelukkig besefte ik me net op tijd dat het aan mij lag dat mijn foto’s niet goed genoeg waren. En dus bsloot ik om mijn blik aan te pakken, en niet mijn camera.

Maar… zonder iets te kopen kun je ook geen fotograaf zijn. Of je moet zelf een pinhole camera van een luciferdoosje in elkaar willen klussen. Maar dat vind ik ook weer zowat. Dus hierbij mijn aankopen waar ik echt niet zonder kan, als fotograaf.
 

1. Een handzame camera

© Kronkeling

Ooit begon ik dus met die Canon 400D plus kitlens. Toen ging ik – vond ikzelf – serieuzer fotograferen dus daar moest een serieuze camera bij. Let wel, hier vertoonde ik de eerste symptomen van het Gear Acquisition Syndrome. Enfin, ik kocht een Canon 60D met een (tweedehands) objectief 24-105 mm uit de L-serie (voor de kenner). Het geheel was idioot zwaar om ‘zomaar even’ ergens mee naar toe te nemen. Fotograferen werd een activiteit op zich.

Een jaar later kocht ik een 35mm lens want ik werd gek van dat gewicht. Die camera bleef te vaak thuis. Echter, toen ik eenmaal de 35mm lens had, haalde ik die vervolgens bijna niet meer van mijn camera af.
Ik concludeerde dat ik eigenlijk net zo goed een veel kleinere camera zou kunnen gebruiken. Zolang ik maar wel door een zoeker zou kunnen fotograferen – want die camera moet voor mijn gezicht als ik een foto maak, ik moet de foto vóelen.
Inmiddels hadden camerafabrikanten op die behoefte ingespeeld. Ik liet mijn Canon-verzameling voor wat ‘ie was en stapte over op de Fujifilm X100t (lees hier mijn enige andere ‘gear’-artikel dat ik schreef over die camera).

En wat een feest was dat. Ineens ging mijn camera bijna overal mee naar toe. Want om het gewicht hoefde ik het niet te laten. Dus ging ik véél meer fotograferen.
 

2. Een polsbandje voor mijn camera

© Kronkeling

Een camera ergens mee naartoe nemen is één ding. Maar vervolgens moet je er ook foto’s mee maken. Gek genoeg deed ik dat niet eens zo heel veel met mijn Canon 60D – zelfs als ik hem bij me had en hij werkloos om mijn nek hing. Want daar hing ‘ie prima. Soms vergat ik hem zelfs.

Maar nu zit mijn camera met een polsbandje vast aan mijn pols. En moet ik hem dus vasthouden in mijn hand. Daarmee is de camera altijd klaar voor gebruik en dat vóel ik ook – hij bezet immers één hand. Gek genoeg werkt dat. Het triggert een soort actiemodus bij mij waardoor ik mijn omgeving permanent vanuit een fotografische bril bekijk.
 

3. Het volgen van workshops

Workshop met Alex Webb © Shaunte Dittmar

En dan de duurste van alledrie.

Want het is natuurlijk leuk, zo’n camera en polsbandje, maar mijn ogen zien nog steeds hetzelfde. Dus om mijn blik te scherpen volg ik regelmatig workshops bij andere fotografen. Zoals bij Alex Webb of Eric Kim. Het is mijn noodzakelijke aankoop in leren kijken. Want door mezelf even helemaal (en fulltime) onder te dompelen in fotografie, leer ik meer over mijn eigen blik. Dat is een fikse investering ja. Maar ik geef dan weer (bijna) geen geld uit aan fotogear, dus dat scheelt.

Trouwens, zelf geef ik ook workshops. Nieuwsgierig? Hier lees je meer over mijn invulling daarvan.

Nog geld over om andere dingen te kopen? Besteed dat dan aan fotoboeken!